EUDR: ben jij voorbereid op 30 december 2026?

De European Union Deforestation Regulation komt dichterbij Vanaf 30 december 2026 wordt de European Union Deforestation Regulation (EUDR) van toepassing. Deze regelgeving kan grote gevolgen hebben voor jouw import- en exportprocessen. Produceer, importeer of exporteer je producten die onder de EUDR vallen? Dan moet je kunnen aantonen dat deze producten: De NVWA adviseert bedrijven om te starten met de voorbereiding. Wacht daarom niet tot het einde van het jaar, maar controleer tijdig of jouw producten, leveranciers en supply chain klaar zijn voor de nieuwe verplichtingen. Wat is de EUDR? Het doel van de EUDR is ervoor te zorgen dat bepaalde grondstoffen en producten die op de Europese markt worden gebracht of vanuit de EU worden geëxporteerd, ontbossingsvrij en legaal geproduceerd zijn. De EUDR heeft betrekking op de volgende grondstoffen: Daarnaast vallen ook diverse afgeleide producten binnen de regelgeving, zoals bepaalde chocoladeproducten, lederwaren, banden, meubels en papierproducten. Of een product onder de EUDR valt, wordt bepaald aan de hand van de producten die zijn opgenomen in Bijlage I van de EUDR. Een juiste productclassificatie is essentieel Of een product daadwerkelijk onder de EUDR valt, hangt niet alleen af van de HS-/GN-code, maar ook van de specifieke omschrijving die bij de code in Bijlage I is opgenomen. Bij diverse goederencodes staat de aanduiding ‘ex’. Dit betekent dat niet automatisch alle goederen binnen die code onder de EUDR vallen, maar uitsluitend de producten die voldoen aan de specifieke omschrijving. Een onjuiste classificatie kan daardoor leiden tot een verkeerde beoordeling van jouw EUDR-verplichtingen. Twijfel je over de classificatie van jouw producten? Onze customs specialists kunnen je hierbij ondersteunen. Wat betekent de EUDR voor jouw organisatie? Wanneer je producten onder de EUDR op de Europese markt brengt of exporteert, moet je een due diligence-systeem toepassen. Dit bestaat uit vier stappen: 1. Informatie verzamelen Verzamel informatie over het product, de herkomst en de toeleveringsketen. 2. Risico’s beoordelen Beoordeel of er een risico bestaat dat het product niet voldoet aan de EUDR. 3. Risico’s beperken Zijn er risico’s? Dan moeten passende maatregelen worden genomen om deze tot een verwaarloosbaar niveau terug te brengen. 4. Due-dilligence documentatie vastleggen De due diligence-documentatie moet worden vastgelegd en gedurende minimaal vijf jaar worden bewaard. Welke informatie heb je nodig? Denk onder andere aan: Het is daarom belangrijk om nu al met leveranciers in gesprek te gaan en vast te stellen of zij deze informatie tijdig kunnen aanleveren. De Due Diligence Statement (DDS) Wanneer de vereiste due diligence is uitgevoerd, moet een Due Diligence Statement (DDS) worden ingediend in het Europese EUDR Information System (TRACES). Na indiening ontvang je een DDS-referentienummer. Bij import moet dit referentienummer beschikbaar zijn voordat de invoeraangifte wordt ingediend, omdat het nummer in de douaneaangifte moet worden vermeld. Ons advies: wacht niet tot jouw goederen arriveren. Zorg ervoor dat de benodigde informatie ruim vóór aankomst van de goederen beschikbaar is. Ontbreken belangrijke gegevens of bewijsstukken? Dan kan de DDS mogelijk niet tijdig worden ingediend. Dit kan directe gevolgen hebben voor jouw douaneproces. Wanneer de vereiste informatie niet kan worden verkregen, mag het product volgens de EUDR niet op de EU-markt worden gebracht of vanuit de EU worden uitgevoerd. Jouw verantwoordelijkheid De verantwoordelijkheid voor naleving van de EUDR blijft altijd bij de marktdeelnemer of handelaar die verantwoordelijk is voor de betreffende goederen. Dat betekent dat jouw organisatie verantwoordelijk blijft voor: De NVWA kan controles uitvoeren bij importeurs, exporteurs, producenten en handelaren. De relevante documentatie moet minimaal vijf jaar worden bewaard. Van der Helm als EUDR Authorised Representative Wil je ondersteuning bij het indienen van de DDS? Van der Helm Customs Services kan optreden als EUDR Authorised Representative en namens jouw organisatie de DDS indienen in het EUDR Information System (TRACES). De EUDR maakt het mogelijk om een gemachtigde vertegenwoordiger aan te wijzen voor het indienen van de DDS. Daarbij blijft jouw organisatie verantwoordelijk voor de naleving van de EUDR. Wanneer Van der Helm deze dienstverlening verzorgt, ontvangen wij tijdig alle benodigde product-, productie-, keten- en geolocatiegegevens van jouw organisatie. Voor deze dienstverlening worden vooraf aanvullende contractuele afspraken gemaakt. Wat kun je nu al doen? Bereid je tijdig voor De EUDR vraagt om meer dan alleen het indienen van een verklaring. Een correcte productclassificatie, betrouwbare leveranciersinformatie, traceerbaarheid en een goed ingericht due diligence-proces zijn essentieel om compliant te zijn. Heb je vragen over de EUDR, twijfel je of jouw producten onder de regelgeving vallen of wil je weten hoe Van der Helm jou kan ondersteunen? Neem dan contact op met jouw vaste contactpersoon of met één van onze Customs Specialisten.
Nieuw Douanewetboek van de Unie (nDWU): Wat betekent dit voor jouw organisatie?

De Europese douanewetgeving staat aan de vooravond van een ingrijpende verandering. Met het nieuwe Douanewetboek van de Unie (nDWU) wordt het Europese douanesysteem de komende jaren stapsgewijs hervormd. De kern van die verandering: douanetoezicht verschuift steeds verder van afzonderlijke aangiften naar betrouwbare, actuele en gestructureerde data over producten, handelsstromen en supply chains. Volgens de Nederlandse Douane gaat het om de grootste hervorming van het Europese douanestelsel sinds de oprichting van de Douane-unie in 1968. De hervorming introduceert onder andere een Europese Customs Data Hub, een nieuwe EU Customs Authority en nieuwe mogelijkheden voor betrouwbare handelaren. De invoering vindt gefaseerd plaats en loopt door tot 2034. Voor importeurs en andere bedrijven die internationaal handelen betekent dit dat de kwaliteit van data een steeds belangrijkere factor wordt binnen het douaneproces. Het is daarom verstandig om niet te wachten totdat alle onderdelen van het nDWU verplicht worden, maar nu al te kijken naar de kwaliteit en beschikbaarheid van product-, leveranciers- en douanegegevens binnen jouw organisatie. Van aangiftegedreven naar datagedreven douanetoezicht Vandaag draait een groot deel van het douaneproces nog om afzonderlijke aangiften. Voor iedere goederenbeweging wordt informatie verzameld, aangeleverd en verwerkt binnen verschillende nationale douanesystemen. Met het nDWU verandert dat model fundamenteel. Centraal in het toekomstige systeem staat de EU Customs Data Hub: één Europese digitale omgeving waarin bedrijven douane- en productinformatie kunnen aanleveren. Het doel is dat informatie uiteindelijk niet telkens opnieuw voor iedere afzonderlijke zending hoeft te worden aangeleverd en dat douaneautoriteiten in de verschillende EU-lidstaten met dezelfde gegevens kunnen werken. De Data Hub moet Europese douaneautoriteiten bovendien toegang geven tot actuelere en beter samenhangende informatie over handelsstromen en supply chains. Hierdoor kan risicomanagement steeds meer op Europees niveau plaatsvinden en kunnen autoriteiten gerichter bepalen welke goederen of goederenstromen extra aandacht vragen. Voor jouw organisatie betekent dit tegelijkertijd dat de kwaliteit van de achterliggende data belangrijker wordt. Een correcte goederencode blijft noodzakelijk, maar vormt steeds meer één onderdeel van een bredere set informatie over het product, de betrokken partijen en de supply chain. De verantwoordelijkheid van de importeur wordt belangrijker Een andere belangrijke ontwikkeling binnen het nieuwe douanestelsel is de positie van de importeur. Bij invoer moet duidelijk zijn welke partij verantwoordelijk is voor de goederen. Onder het nieuwe systeem krijgt die verantwoordelijkheid nadrukkelijk betrekking op zowel fiscale verplichtingen als niet-fiscale verplichtingen. Bij niet-fiscale eisen kun je bijvoorbeeld denken aan Europese regels rondom productveiligheid en andere productgerelateerde wetgeving. Dat betekent niet dat voor ieder product dezelfde informatie nodig is. Welke gegevens en documenten relevant zijn, hangt af van het product, de herkomst, jouw handelsstructuur en de toepasselijke wetgeving. In de praktijk verwachten wij daarom dat je steeds beter inzicht moet hebben in gegevens zoals productomschrijvingen, HS-classificaties, oorsprong, fabrikanten en leveranciers en relevante productdocumentatie. Afhankelijk van het product kunnen ook gegevens over bijvoorbeeld CE-markering, batterijen, productveiligheid of andere markttoezichteisen van belang zijn. Daarmee wordt productdata steeds minder uitsluitend een onderwerp voor de douaneafdeling. Ook informatie uit procurement, productmanagement, compliance, IT en supply-chainmanagement kan noodzakelijk zijn om jouw goederen efficiënt door het douaneproces te laten bewegen. De EU Customs Data Hub wordt gefaseerd ingevoerd De overgang naar het nieuwe systeem gebeurt niet in één keer. Voor e-commerce vindt een belangrijk deel van de verandering als eerste plaats. De EU Customs Data Hub wordt volgens de huidige planning vanaf 1 juli 2028 verplicht voor e-commerce. Vanaf 1 maart 2031 wordt de Data Hub opengesteld voor vrijwillig gebruik door andere bedrijven. Vervolgens wordt het gebruik vanaf 1 maart 2034 verplicht voor alle handelaren die onder het nieuwe systeem vallen. De jaren tot 2034 zijn daarmee geen periode waarin je niets hoeft te doen. De technische infrastructuur, Europese uitvoeringsregels, nationale wetgeving en bedrijfsprocessen worden stapsgewijs aangepast. Heeft jouw organisatie grote importvolumes of complexe internationale supply chains? Dan is het verstandig om ruim vóór de uiteindelijke deadlines te beoordelen of de benodigde gegevens binnen jouw organisatie beschikbaar, betrouwbaar en gestructureerd zijn. Voor e-commerce zijn de veranderingen al begonnen Verkoop je goederen vanuit landen buiten de EU rechtstreeks aan consumenten binnen de Europese Unie? Dan zijn onderdelen van de hervorming nu al concreet relevant. Sinds 1 juli 2026 geldt voor bepaalde e-commercegoederen een tijdelijk invoertarief van €3 per item als gevolg van de wijziging van de eerdere vrijstelling van invoerrechten. Daarnaast wordt vanaf 1 november 2026 productidentificatie verplicht in de invoeraangifte voor e-commerce. Productidentificatie gaat verder dan een algemene productomschrijving. Het betreft een unieke code waarmee een specifiek model, een specifieke partij of een specifiek product kan worden herkend en gevolgd. Volgens de Douane kan deze identificatie worden toegekend door onder andere de fabrikant, producent, leverancier, online verkoper, marketplace of het online platform. Daarnaast is een Europese handling fee voor e-commerce voorzien. Op het moment van publicatie verwacht de Nederlandse Douane invoering rond 1 november 2026, maar de hoogte van deze vergoeding is nog niet definitief bekend. Voor e-commercebedrijven maken deze ontwikkelingen duidelijk hoe snel de rol van productdata verandert. Informatie die je voorheen voornamelijk gebruikte in je webshop, ERP-systeem of leveranciersdocumentatie, kan steeds vaker direct relevant worden voor het douaneproces. Meer data betekent ook meer aandacht voor datakwaliteit De ontwikkeling richting één Europese Data Hub biedt voordelen. Uiteindelijk moet je informatie één keer kunnen aanleveren en gegevens voor meerdere goederenbewegingen kunnen hergebruiken. Dat moet administratieve lasten verminderen en processen efficiënter maken. Maar daar staat een belangrijke voorwaarde tegenover: de aangeleverde gegevens moeten correct en betrouwbaar zijn. Staat informatie over bijvoorbeeld classificatie, oorsprong, leveranciers of producteigenschappen verspreid over verschillende systemen of wordt deze handmatig bijgehouden? Dan kan het lastiger worden om consequent dezelfde correcte gegevens aan te leveren. Onze verwachting is daarom dat datakwaliteit steeds directer invloed zal hebben op de efficiëntie van jouw douaneprocessen. Onvolledige, inconsistente of moeilijk herleidbare gegevens kunnen eerder aanleiding geven tot aanvullende vragen of controles en daarmee mogelijk leiden tot vertraging. De voorbereiding op het nDWU is dus niet uitsluitend een douaneproject. Het raakt ook de inrichting en kwaliteit van de onderliggende bedrijfsdata binnen jouw organisatie. Trust & Check: meer vertrouwen bij meer transparantie Het nieuwe douanestelsel introduceert ook een nieuwe categorie
Wijziging bij invoer: Product Identifiers (PID’s)

Verkoop jij producten rechtstreeks aan consumenten binnen de Europese Unie via een webshop, online marktplaats of een ander e-commercekanaal? Dan krijg jij mogelijk te maken met nieuwe verplichtingen voor jouw douaneaangiften. De Europese Unie voert nieuwe eisen in voor Product Identifiers (PID’s) bij e-commercezendingen. Deze maken deel uit van bredere douanehervormingen en zijn bedoeld om de traceerbaarheid van producten te verbeteren en het douanetoezicht te versterken. Vanaf 1 november 2026 wordt het verstrekken van PID-informatie verplicht voor de betreffende e-commercezendingen. Ontbrekende of onjuiste PID-gegevens kunnen leiden tot vertragingen bij de douane, verzoeken om aanvullende informatie of afwijzing van de douaneaangifte. Om jou te helpen bij de voorbereiding op deze wijzigingen, leggen wij in deze update uit wat Product Identifiers zijn, voor welke bedrijven de nieuwe verplichtingen gelden en welke productinformatie mogelijk moet worden aangeleverd om een correcte douaneaangifte mogelijk te maken. Juli 2026 – Vrijwillige PID-rapportage gestart Op 1 juli 2026 is de vrijwillige fase gestart. Vanaf dat moment kunnen bedrijven PID-informatie opnemen in hun douaneaangiften. Tijdens deze overgangsperiode zullen de douaneautoriteiten geen sancties opleggen wanneer PID-gegevens ontbreken of onjuist zijn. November 2026 – PID-rapportage wordt verplicht Vanaf 1 november 2026 wordt het verstrekken van PID-informatie verplicht voor de betrokken invoerstromen. De douane kan vanaf dat moment de nieuwe eisen handhaven en douaneaangiften afwijzen, controleren of nader onderzoeken wanneer de vereiste PID-informatie ontbreekt of onjuist is. Daarnaast worden nieuwe documentcodes voor PID’s ingevoerd. Deze codes moeten vanaf 1 november 2026 worden opgenomen in de douaneaangifte. Voor welke bedrijven gelden deze nieuwe eisen? De wijzigingen zijn vooral relevant voor bedrijven die betrokken zijn bij afstandsverkopen (distance sales). Hiervan is sprake wanneer goederen van buiten de Europese Unie rechtstreeks aan klanten in de EU worden verkocht en de verkoper betrokken is bij het organiseren of faciliteren van het transport. Dit betreft bijvoorbeeld verkopen via: Wat is een PID? Een Product Identifier (PID) is een productreferentie waarmee de douane een product eenduidig kan identificeren. De PID zorgt ervoor dat de juiste productinformatie wordt aangegeven en ondersteunt de traceerbaarheid van producten binnen de toeleveringsketen. Wanneer voldoet een PID aan de eisen? Een PID moet één specifieke productvariant uniek identificeren. Wanneer een product verschilt in bijvoorbeeld afmeting, kleur, model, verpakkingsconfiguratie of een ander relevant kenmerk, moet in principe een aparte PID worden gebruikt. Een geldige PID: Welke soorten PID’s kunnen worden gebruikt? De EU erkent verschillende soorten Product Identifiers: 1. Merchant Product Identifier (M-PID) Een productidentificatie die wordt toegekend door de verkoper, marktplaats of het platform waarop het product wordt aangeboden. Deze identificatie moet het product binnen het betreffende verkoopkanaal eenduidig identificeren. 2. Non-Standardised Manufacturer Product Identifier (NS-PID) Een productreferentie die door de fabrikant wordt toegekend, zoals een modelnummer, onderdeelnummer of interne productcode. Deze identificatie is uniek binnen het eigen systeem van de fabrikant. 3. Standardised Manufacturer Product Identifier (S-PID) Een internationaal erkende productidentificatie, zoals een EAN-, GTIN- of ISBN-code. Deze identificaties volgen internationale standaarden en worden breed herkend door retailers, marktplaatsen en douaneautoriteiten. De PID die in de douaneaangifte wordt gebruikt, moet het ingevoerde product eenduidig identificeren en consistent worden gebruikt in zowel verkoopplatformen als douanedocumentatie. Onderstaand overzicht toont welke aanvullende gegevens als gevolg van de PID-verplichtingen nodig zijn, zodat de douaneafdeling van Van der Helm de douaneaangifte correct kan voorbereiden. Praktijkvoorbeeld PID-rapportage voor een B2C-zending De gemarkeerde velden zijn de nieuwe productidentificaties die voor de betreffende e-commercezendingen moeten worden aangeleverd. ! Verplicht vanaf 1 november 2026 Voorbeeld van de vereiste productgegevens Nieuwe PID-vereisten Voorbeeld van PID-rapportage voor een B2C-zending Basisgegevens Nieuwe vereisten: Product Identifiers Aantal en waarde Productomschrijving HS-code Land van oorsprong M-PIDMerchant Product ID NS-PIDNiet-gestandaardiseerde fabrikant-ID S-PIDGestandaardiseerde fabrikant-ID Aantal Waarde per eenheid Totale waarde Totale waarde € 140,00 1 M-PID Product-ID van de verkoper, marktplaats of het verkoopplatform. 2 NS-PID Modelnummer, onderdeelnummer of interne productcode van de fabrikant. 3 S-PID Gestandaardiseerde identificatie zoals EAN, GTIN of ISBN. Gebruik de passende documentcode wanneer deze ontbreekt. Voorbereiden op de verplichting Zorg dat deze productgegevens tijdig beschikbaar zijn ✓EAN, GTIN, ISBN, SKU of modelnummer ✓Duidelijke productomschrijving ✓Land van oorsprong ✓Juiste GS-/HS-code ✓Productwaarde en hoeveelheid ✓Verkoper of verkoopplatform Illustratief voorbeeld. Controleer per invoerstroom welke velden en documentcodes van toepassing zijn. Bedragen exclusief eventuele invoerrechten en belastingen. Wat moet jij nu doen? Vanaf 1 november 2026 wordt het verstrekken van PID-informatie verplicht voor de betreffende invoerstromen. Het is daarom belangrijk om tijdig te controleren of de benodigde productinformatie beschikbaar is en consistent kan worden aangeleverd. Het is verstandig om jouw productgegevens te controleren en ervoor te zorgen dat je de volgende informatie kunt verstrekken: • Productidentificaties (EAN, GTIN, ISBN, SKU of modelnummer);• Een duidelijke productomschrijving;• Het land van oorsprong;• De juiste goederencode (GS-/HS-code);• De productwaarde;• Indien van toepassing, de identificatie van de verkoper of het verkoopplatform. Bedrijven die via webshops, marktplaatsen of andere e-commerceplatformen verkopen, moeten er daarnaast voor zorgen dat de gebruikte productidentificaties eenduidig kunnen worden gekoppeld aan de producten die in de douaneaangifte worden opgenomen. De aangever kan PID-informatie uitsluitend opnemen op basis van de gegevens die door de importeur, verkoper of het verkoopplatform worden verstrekt. Het is daarom van belang dat de vereiste productinformatie tijdig beschikbaar is en op een correcte en consistente wijze wordt aangeleverd. Voorbereiden op de nieuwe PID-verplichtingen met Van der Helm Als klant blijf jij verantwoordelijk voor het aanleveren van de vereiste productinformatie, inclusief correcte PID-gegevens. Heb jij vragen over de nieuwe PID-verplichtingen of wil jij ondersteuning bij de voorbereiding op deze wijzigingen? Neem dan contact op met één van onze consultants.
Nieuwe Europese verpakkingsregels (PPWR): wat betekent dit concreet voor jou?

Vanaf 12 augustus 2026 moet voor ieder verpakkingstype dat op de EU-markt wordt gebracht een EU-conformiteitsverklaring (Declaration of Conformity, DoC) beschikbaar zijn, ondersteund door technische documentatie. Ontbreekt deze documentatie, dan kan dit leiden tot handhavingsmaatregelen door markttoezichthouders, waaronder verkoopverboden, terugtrekking uit de handel en bestuurlijke sancties. Ook kunnen operationele verstoringen in de supply chain ontstaan. De Verordening (EU) 2025/40 inzake verpakking en verpakkingsafval (de PPWR) is op 11 februari 2025 in werking getreden en zal van toepassing zijn vanaf 12 augustus 2026, waarbij sommige eisen gefaseerd worden ingevoerd tot 2030. Indien jouw bedrijf verpakte goederen op de EU-markt brengt, moet jouw verpakking voldoen aan de PPWR, ook wanneer verpakkings- of logistieke activiteiten worden uitbesteed. Je bent verantwoordelijk voor het voldoen van jouw verpakking aan de PPWR. Rollen en verantwoordelijkheden Eén bedrijf kan meerdere rollen hebben, en elke rol brengt eigen verplichtingen met zich mee: Documentatie en compliance vanaf 2026 Vanaf 12 augustus 2026 moet alle verpakking die op de EU-markt wordt gebracht worden ondersteund worden door een conformiteitsverklaring. In deze conformiteitsverklaring wordt de verpakking beschreven en beoordeeld met behulp van ondersteunende technische documentatie. In principe geldt dat er één verklaring nodig is per type verpakking. Vergelijkbare verpakkingen, zoals verschillende maten met dezelfde materialen, kunnen samen worden genomen zolang dit geen invloed heeft op de conformiteit. Bedrijven moeten er daarnaast voor zorgen dat verpakkingen blijvend aan de regels voldoen en documentatie aanpassen wanneer wijzigingen plaatsvinden. Transportverpakkingen Transportverpakkingen vallen volledig onder de PPWR. Dit betreft onder andere pallets, palletkragen, folie, omsnoeringsmaterialen en e-commerceverpakkingen. Transportverpakkingen vallen in beginsel volledig onder de PPWR en moeten eveneens aan de relevante eisen voldoen. Afhankelijk van het type verpakking kunnen specifieke verplichtingen en uitzonderingen van toepassing zijn. Voor ieder verpakkingstype moet een conformiteitsverklaring beschikbaar zijn. Vergelijkbare verpakkingen kunnen onder bepaalde voorwaarden binnen één conformiteitsbeoordeling worden samengebracht, mits de conformiteit hierdoor niet wordt beïnvloed. Overgangsregels Verpakkingen die vóór 12 augustus 2026 rechtmatig op de EU-markt zijn gebracht, mogen in gebruik blijven zonder te worden teruggeroepen of aangepast. Voor herbruikbare verpakkingen geldt een eerdere grensdatum, namelijk 11 februari 2025. Wat moet je nu doen? Om goed voorbereid te zijn op de PPWR is tijdig handelen belangrijk. Wij adviseren je om: Impact op jouw organisatie De PPWR heeft invloed op de logistieke en operationele processen. De verpakkingseisen rondom documentatie, traceerbaarheid en rapportage nemen toe. In de toekomst neemt de regelgeving nog sterker toe, dan moet ook het verpakkingsvolume en de lege ruimte verminderd worden. De juridische verantwoordelijkheid voor naleving van deze regelgeving blijft bij de klant. Van der Helm kan ondersteunen bij de het optimaliseren van de verpakkingsprocessen. Tijdige voorbereiding is essentieel om te voldoen aan de regelgeving en verstoringen in de bedrijfsvoering te voorkomen.
Van der Helm Logistics investeert in toekomst met nieuw distributiecentrum van 100.000 m² in Moerdijk

DEN HOORN, 23 juni 2026 – Van der Helm Logistics zet een belangrijke stap in haar verdere groei en ontwikkeling met de realisatie van een nieuw distributiecentrum van circa 100.000 m² op Logistiek Park Moerdijk. Met deze investering creëert het familiebedrijf ruimte voor verdere groei, schaalbaarheid en innovatie, terwijl tegelijkertijd de basis wordt gelegd voor de logistieke dienstverlening van de toekomst. Het nieuwe distributiecentrum maakt de consolidatie van de warehouseactiviteiten uit Den Hoorn en een deel van Moerdijk op één centrale locatie mogelijk. Daarmee ontstaat ruimte voor verdere groei, innovatie en schaalbaarheid. Terwijl de warehouseactiviteiten worden geconsolideerd in Moerdijk, blijven de zeevracht-, luchtvracht- en douaneactiviteiten gevestigd in Den Hoorn. Ook het warehouse en kantoor in Hoofddorp blijven operationeel. “De logistieke markt verandert snel. Klanten vragen om schaalbaarheid, flexibiliteit, digitale integraties en zekerheid in hun supply chain,” zegt Gerard van der Helm. “Met deze investering creëren we niet alleen extra capaciteit, maar bouwen we aan een logistiek platform waarmee we onze klanten ook de komende decennia kunnen ondersteunen.” De keuze voor Moerdijk sluit aan op de strategische ligging van de locatie, met directe verbindingen naar de belangrijkste logistieke corridors van Nederland en Europa. Daarnaast biedt de regio toegang tot een sterke arbeidsmarkt en uitstekende multimodale verbindingen via weg, water en spoor. Het distributiecentrum wordt ontwikkeld volgens de nieuwste standaarden op het gebied van logistiek, veiligheid en duurzaamheid. Het warehouse krijgt een vrije hoogte van 15,4 meter, beschikt over 104 loading docks en wordt gerealiseerd volgens BREEAM Excellent-normen. Daarnaast wordt het pand voorbereid op verdere automatisering, AI-toepassingen, energie-efficiënte installaties, laadinfrastructuur en grootschalige inzet van zonne-energie. Ook wordt het warehouse ingericht volgens de hoge beveiligingsstandaarden van TAPA-A. De verhuizing van de warehouseactiviteiten naar Moerdijk maakt in Den Hoorn extra ruimte vrij. Deze ruimte biedt kansen voor de verdere ontwikkeling van Trofipack en andere toekomstige activiteiten op de locatie.Ook op het gebied van personeelsvoorziening biedt de locatie belangrijke voordelen. Dankzij de nabijheid van de huisvestingslocaties beschikt Van der Helm over extra flexibiliteit om pieken in de personeelsvraag op te vangen en de continuïteit van de operatie te waarborgen. “Deze ontwikkeling gaat verder dan extra vierkante meters,” vervolgt Van der Helm. “We investeren in een toekomstbestendige logistieke omgeving waarin technologie, capaciteit, duurzaamheid en dienstverlening samenkomen. Daarmee versterken we onze positie als logistieke partner voor klanten in binnen- en buitenland.” De oplevering van het distributiecentrum staat gepland voor eind 2026. De verhuizing van de bestaande warehouseactiviteiten zal gefaseerd plaatsvinden om de continuïteit van de dienstverlening voor klanten te waarborgen. De ontwikkeling vormt een bijzondere mijlpaal voor Van der Helm Logistics, dat in 2026 tevens haar 90-jarig bestaan viert. De investering onderstreept het vertrouwen van het familiebedrijf in de toekomst van de logistieke sector en haar ambitie om verder te groeien als strategische logistieke partner. Over Van der Helm Logistics Van der Helm Logistics is een familiebedrijf met een historie die teruggaat tot 1936. Vanuit vestigingen in Den Hoorn, Hoofddorp en Moerdijk biedt het bedrijf geïntegreerde logistieke oplossingen op het gebied van warehousing, transport, forwarding, douane en fulfilment. Met een sterke focus op innovatie, klantgerichtheid en langdurige partnerships ondersteunt Van der Helm klanten wereldwijd.
Geen nationale handling fee voor e-commercezendingen in Nederland

Nederland voert geen nationale handling fee voor e-commercezendingen in. Dat heeft de staatssecretaris van Financiën op vrijdag 12 juni 2026 aangegeven. Daarmee komt er voorlopig geen extra nationale heffing bovenop de Europese maatregelen die vanaf 1 juli 2026 ingaan. Eind 2025 werd nog gesproken over een mogelijke nationale heffing voor e-commercezendingen. Ook andere Europese landen, waaronder Frankrijk en België, overwogen vergelijkbare maatregelen. Vanuit de logistieke sector klonk kritiek op de korte invoertermijn en het risico op verstoring van het gelijke speelveld binnen de Europese Unie. Voor bedrijven die veel e-commercezendingen verwerken of naar EU-consumenten verzenden, geeft het besluit meer duidelijkheid. Nederland wacht nu op de bredere Europese aanpak rondom de afschaffing van de zogenoemde de-minimisvrijstelling. Wat verandert er wel vanaf 1 juli 2026? Hoewel Nederland geen nationale handling fee invoert, verandert er vanaf 1 juli 2026 wel degelijk iets voor e-commercezendingen van buiten de Europese Unie. Vanaf die datum wordt de de-minimisvrijstelling afgeschaft. Deze vrijstelling maakte het mogelijk om zendingen met een waarde tot €150 onder bepaalde voorwaarden zonder invoerrechten de EU binnen te brengen. Met het vervallen van deze vrijstelling krijgen e-commercezendingen tot €150 te maken met een standaardheffing van €3 per aangifteregel. Dat betekent dat de kosten niet per pakket altijd gelijk hoeven te zijn. Bestaat een zending uit meerdere aangifteregels of productcategorieën, dan kan de totale heffing per zending oplopen. Voor bedrijven met hoge volumes kan dit een merkbare impact hebben op de totale importkosten. Hoe wordt de €3-heffing afgerekend? De €3 per aangifteregel wordt niet via de webshop geïnd. Dat is een belangrijk verschil met bijvoorbeeld IOSS-aangiftes, waarbij btw-afdracht via de verkoopomgeving kan lopen. De heffing wordt geïnd door de serviceprovider op het moment van inklaren. In de praktijk betekent dit dat de kosten cash against documents worden afgerekend. Dit gebeurt via een deposit bij de serviceprovider, op basis van het aantal verwerkte aangiftelijnen per maand. Voor bedrijven is het daarom belangrijk om goed inzicht te hebben in het aantal aangifteregels dat zij maandelijks verwerken. Niet alleen het aantal pakketten telt mee, maar ook de opbouw van de zendingen en de manier waarop producten worden aangegeven. Europese handling fee verwacht vanaf november 2026 Naast de €3-heffing per aangifteregel wordt vanaf 1 november 2026 ook een Europese handling fee verwacht. Deze zal waarschijnlijk rond de €2 per zending liggen. Het doel van deze Europese aanpak is om meer e-commercezendingen gezamenlijk per container naar Europa te laten vervoeren. Daarmee moet het voor de Douane eenvoudiger worden om toezicht te houden op de sterk gegroeide goederenstroom van kleine pakketten uit landen buiten de EU. De groei van internationale e-commerce heeft de afgelopen jaren gezorgd voor een flinke toename van het aantal individuele zendingen. Voor douaneautoriteiten brengt dit extra druk met zich mee op controle, verwerking en handhaving. Door zendingen meer gebundeld Europa binnen te laten komen, moet dit proces beter beheersbaar worden. Wat betekent dit voor e-commercebedrijven? Voor e-commercebedrijven, fulfilmentpartijen en importeurs is het belangrijk om zich voor te bereiden op de nieuwe situatie. Ook zonder nationale handling fee veranderen de kosten en processen rondom importzendingen vanaf 1 juli 2026. Vooral bij lage orderwaardes kan een vaste heffing per aangifteregel relatief zwaar wegen. Een extra kostenpost van €3 of meer per zending kan invloed hebben op de prijsstelling, de winstgevendheid en de keuze voor bepaalde logistieke routes. Meer aandacht voor bundeling en correcte aangifte De nieuwe regels maken correcte douanedata nog belangrijker. Denk aan juiste goederenomschrijvingen, HS-codes, waardes, oorsprong en het aantal aangifteregels per zending. Fouten of onduidelijkheden kunnen leiden tot vertraging, extra kosten of aanvullende controles. Daarnaast wordt het voor bedrijven relevanter om te kijken naar de manier waarop goederen Europa binnenkomen. Losse pakketstromen vanuit landen buiten de EU kunnen door de nieuwe heffingen duurder en administratief zwaarder worden. Gebundelde importstromen kunnen in sommige gevallen meer overzicht en efficiëntie bieden. Voorbereiden op 1 juli 2026 De belangrijkste conclusie is dat Nederland geen extra nationale handling fee invoert voor e-commercezendingen. Dat neemt een deel van de onzekerheid weg. Tegelijkertijd blijft de Europese wijziging per 1 juli 2026 gewoon staan. Vanaf dat moment geldt een standaardheffing van €3 per aangifteregel voor e-commercezendingen tot €150. Vanaf 1 november 2026 volgt naar verwachting een Europese handling fee van ongeveer €2. Voor bedrijven die afhankelijk zijn van internationale e-commercezendingen is dit hét moment om processen, volumes en kostenstructuren opnieuw te bekijken. Door nu inzicht te krijgen in aangifteregels, productdata en importstromen, voorkom je verrassingen wanneer de nieuwe regels ingaan.
December logistieke update — Drukte rond feestdagen en aankomende EU-veranderingen

Beste partner, De komende maanden brengen belangrijke wijzigingen met zich mee voor internationale supply chains, juist nu terwijl het decemberpiekseizoen in volle gang is. Terwijl de feestdagendrukte de logistieke netwerken tot het uiterste drijft, is het belangrijker dan ooit om voorbereid te zijn op veranderingen in wet- en regelgeving. In deze update leggen we uit wat de EUDR betekent voor jouw sourcing, lichten we het besluit van Frankrijk toe om de beperkte fiscale vertegenwoordiging onder Regime 42 te beëindigen, en delen we hoe ons douaneteam zich voorbereidt op de toekomst. De EU Deforestation Regulation (EUDR) treedt in werking op 30 december 2025 Graag informeren we je over nieuwe EU-wetgeving die gevolgen heeft voor de import en export van bepaalde grondstoffen: de EU Deforestation Regulation (EUDR – Verordening (EU) 2023/1115).De EUDR introduceert strikte eisen om te waarborgen dat belangrijke grondstoffen en producten aantoonbaar ontbossingsvrij zijn. Grote bedrijven moeten vanaf de ingangsdatum voldoen, terwijl kleinere ondernemingen mogelijk extra tijd krijgen. In onze blog leggen we uit wat dit betekent voor jouw sourcing en supply chain. Benieuwd hoe je je op tijd kunt voorbereiden? Lees meer over EUDR Regime 42 voor niet-EU-bedrijven Vanaf 1 januari 2026 schaft Frankrijk de beperkte fiscale vertegenwoordiging onder Regime 42 voor niet-EU-bedrijven af, waarmee de mogelijkheid om invoer-btw uit te stellen vervalt. Deze wijziging kan de administratieve lasten vergroten en gevolgen hebben voor de cashflow van bedrijven die in Frankrijk importeren. Nederland blijft deze regeling wel aanbieden, wat een gunstiger alternatief biedt voor btw-afhandeling. Bedrijven die afhankelijk zijn van Regime 42 doen er goed aan hun EU-entreestrategie te herzien en zich op deze verandering voor te bereiden. Neem contact op met je accountmanager Team update Op 11 november heeft ons douaneteam een exporttraining afgerond, zodat we volledig up-to-date en klaar voor de toekomst blijven. Fulfilmentcentra in E-commerce logistiek Een fulfilmentcenter is een gespecialiseerd logistiek centrum waar je voorraad wordt opgeslagen en van daaruit het volledige orderproces wordt afgehandeld: ontvangst, picking, packing, verzending en zelfs retouren. In onze blog leggen we uit hoe zo’n centrum je logistiek vereenvoudigt en je meer ruimte geeft om je bedrijf te laten groeien in plaats van magazijnbeheer te organiseren. Benieuwd wat dit kan betekenen voor jouw operatie en schaalbaarheid? Lees meer over E-commerce logistiek Fijne feestdagen van Van der Helm We willen je alvast warme en feestelijke decemberdagen wensen, terwijl wij er deze maand hard aan werken om alle logistieke processen soepel te laten verlopen en elke levering op tijd bij je te krijgen.
CBAM-verplichtingen vanaf 1 januari 2026

Met ingang van 1 januari 2026 treedt de definitieve fase van het Carbon Border Adjustment Mechanism (CBAM) in werking. Dit betekent dat jij als importeur van CBAM-goederen (ijzer, staal, aluminium, cement, kunstmest, elektriciteit en waterstof) binnen de EU te maken krijgt met nieuwe rapportage- en betalingsverplichtingen.
Europees Parlement stemt in met vereenvoudigingen CBAM

Op 10 september 2025 heeft het Europees Parlement ingestemd met een vereenvoudiging van de CBAM-verordening (Carbon Border Adjustment Mechanism). Dit mechanisme verplicht importeurs vanaf 1 januari 2026 om een heffing te betalen ter compensatie van de CO2-uitstoot die vrijkomt bij de productie van onder meer ijzer, staal, aluminium en cement. Met de goedkeuring van de nieuwe regels zijn er enkele belangrijke wijzigingen: De vereenvoudiging moet de uitvoerbaarheid van CBAM verbeteren, zonder afbreuk te doen aan de doelstelling: een gelijk speelveld creëren tussen Europese en niet-Europese producenten op het gebied van CO2-kosten. Nu het Europees Parlement akkoord is, moet alleen de Raad van de Europese Unie (met vertegenwoordigers van de lidstaten) nog instemmen. Dit besluit wordt later deze maand verwacht. Bij Van der Helm volgen we deze ontwikkelingen nauwlettend. Zo ben jij altijd op de hoogte van veranderingen die invloed hebben op jouw importstromen en zorgen wij dat jouw logistiek compliant blijft met de Europese regelgeving.
Binnenvaart onder druk door congestie in Rotterdam en Antwerpen: impact voelbaar in hele logistieke keten

De binnenvaart kampt met forse vertragingen in de havens van Rotterdam en Antwerpen. Oorzaken zijn onder andere opstoppingen in de diepzeevaart, waardoor binnenvaartschippers soms dagen moeten wachten voordat ze geladen kunnen worden. De gemiddelde wachttijden lopen op tot 64 uur in Rotterdam en zelfs 78 uur in Antwerpen. De financiële impact is groot. WEC Lines, een Nederlandse rederij, geeft aan dat de huidige situatie het bedrijf ruim zeshonderdduizend euro per maand kost. Ook andere vervoerders, zoals Contargo en Inland Terminals Group, melden dat de wachttijden zorgen voor minder beschikbare capaciteit en hogere kosten in de keten. De vertragingen hebben meerdere oorzaken: onregelmatige aankomsten sinds de coronapandemie, omvaarroutes vanwege de Houthi-aanvallen in de Rode Zee, inzet van grotere schepen, lage waterstanden op de Rijn en gewijzigde samenwerkingen tussen grote rederijen zoals Maersk en MSC. Daarnaast is er volgens verladersorganisatie Evofenedex sprake van ‘oneerlijke voorrang’ voor zeeschepen, wat volgens hen de duurzame goederenstroom belemmert. De havenbedrijven van Rotterdam en Antwerpen erkennen de problematiek en benadrukken dat ook andere West-Europese havens met vergelijkbare congestie kampen. Er is volgens hen te weinig geïnvesteerd in infrastructuur en capaciteit, waardoor de druk op de binnenvaart verder toeneemt. Bij Van der Helm volgen we deze ontwikkelingen op de voet. De betrouwbaarheid en doorstroming in de keten staan onder druk, en dat raakt iedereen in de logistiek. Heldere communicatie, slimme planning en flexibiliteit zijn in deze situatie belangrijker dan ooit. Wil je meer weten over hoe wij jouw containerstromen veilig en efficiënt organiseren?Bekijk onze dienstverlening op het gebied van containertransport.